Algemeen
Jan Steen is een van de beroemdste schilders uit de Gouden Eeuw. Met humor neemt hij het dagelijks leven op de hak. De Nederlandse uitdrukkingen ‘een huishouden van Jan Steen’ en ‘leven in de brouwerij brengen’ hebben we aan hem te danken. Naast Den Haag woont Steen ook in Delft, Leiden, Warmond en Haarlem.
Haagse periode
Jan Steen werkt vijf jaar in Den Haag en trouwt hier in 1649 met de dochter van de landschapsschilder Jan van Goyen. De Haagse periode van Jan Steen behoort tot zijn vroege oeuvre. In deze tijd schildert hij levendige scènes met vrolijke boeren in en voor herbergen, op kermissen, marktplaatsen en wintergezichten. Het kleurgebruik is nog wat getemperd, en het landschap speelt een belangrijke rol in zijn schilderijen. De geschilderde anekdotes spelen zich vaak in de buitenlucht af.
Met Steen zitten we midden in de actie; het moment is even voor ons vastgelegd. Soms lijken kerken of ruïnes aanwijzingen te geven waar de scène zich afspeelt. Maar dit is de barok: in deze tijd worden schilderijen in het atelier gemaakt aan de hand van tekeningen, etsen, gravures, en de eigen inspiratie en fantasie. Met hem trekken we door het Hollandse landschap, waar altijd iets te doen is.
In Den Haag ontdekken we de stad door de ogen van Jan Steen en komen we langs het huis van zijn vrouw en schoonfamilie, het huis waar hij mogelijk zelf heeft gewoond, het gilde, het punt waar hij samen met zijn kornuiten samenkomt als burgerwacht van zijn stadsdeel, zijn schuilkerk waar de doop van zijn kinderen plaatsvond, en diverse musea waar interessante werken van Jan Steen te zien zijn. We plaatsen zijn werk in historisch perspectief door het te verbinden met dat van Adriaen van de Venne, Breughel de Oude en Jan van Goyen.